Ministerie van Infrastructuur en Milieu

Personenvervoer

Vooral ouderen zorgden voor sterke groei e-fietsgebruik

Vooral ouderen zorgden voor sterke groei e-fietsgebruik

Vooral ouderen zorgden voor sterke groei e-fietsgebruik

Toelichting


Aandeel van de e-fiets in het totaal aantal fietskilometers naar leeftijd en geslacht (links) en e-fietsverplaatsingen naar motief (rechts). Bron: CBS OViN 2013; bewerking KiM.



  • Uit het Onderzoek Verplaatsingen in Nederland (OViN) voor het jaar 2013 blijkt dat inmiddels ongeveer 10 procent van alle Nederlanders een e-fiets bezit (zie ook Achtergrond 'Sterke groei verkoop e-fietsen in Europa'). Vooral onder senioren is het bezit van de e-fiets populair: ruim een kwart van alle 65-plussers heeft de beschikking over een e-fiets. Van volwassenen tot 40 jaar heeft 1 procent een e-fiets, van de veertigers gaat het om ongeveer 5 procent en onder vijftigers bedraagt het e-fietsbezit ongeveer 10 procent.

  • Van alle fietskilometers wordt inmiddels ruim eentiende (12 procent) per e-fiets afgelegd. De gemiddelde afstand die daarbij wordt overbrugd, is 6,3 kilometer. Deze afstand is bijna twee keer zo groot als de gemiddelde afstand die met de 'gewone' fiets wordt afgelegd (3,6 kilometer).

  • Vooral senioren maken gebruik van de e-fiets: 65-plussers leggen meer dan 40 procent van hun fietskilometers met de e-fiets af.

  • Vrouwen maken vaker gebruik van de e-fiets dan mannen. Alleen de leeftijdscategorie 'jongvolwassenen' (tot 35 jaar) vormt hierop een uitzondering.

  • Senioren gebruiken de e-fiets vooral voor vrijetijdsdoeleinden en winkelen. Volwassenen tot 65 jaar gebruiken de e-fiets daarnaast ook voor werkgerelateerde verplaatsingen.

Verdieping en verklaring


Aandeel van de e-fiets in het totaal aantal fietskilometers naar leeftijd en motief. Bron: CBS OViN 2013; bewerking KiM.



  • Volwassenen tot 50 jaar gebruiken de e-fiets nauwelijks, namelijk in 3 procent van alle fietskilometers (OViN, 2013). Voor het woon-werkverkeer ligt dit aandeel (voor deze specifieke groep) iets hoger: één op de twintig woon-werkgerelateerde fietskilometers gaat per e-fiets.

  • Het e-fietsgebruik neemt toe met de leeftijd. Volwassenen in de leeftijd van 50 tot 65 jaar leggen 16 procent van alle fietskilometers per e-fiets af, voor 65- tot 75-jarigen is dit aandeel 37 procent en voor 75-plussers 47 procent.

  • De afstanden die e-fietsers afleggen, zijn bijna twee keer zo groot als de afstanden die 'gewone' fietsers afleggen (OViN, 2013). Dit geldt vooral voor mannen: de gemiddelde afgelegde afstand voor mannelijke e-fietsgebruikers bedraagt 7,7 kilometer per verplaatsing, tegenover 4,2 kilometer per verplaatsing voor mannelijke niet-e-fietsers. Bij vrouwen is de afgelegde afstand korter en zijn de absolute verschillen minder groot: 4,8 kilometer voor e-fietsers ten opzichte van 2,9 kilometer voor niet-e-fietsers.

  • De snelheidsverschillen tussen e-fietsers en 'gewone' fietsers zijn blijkens de data van het OViN beperkt: respectievelijk 13,4 tegenover 12,2 kilometer per uur, een verschil van 10 procent. Bij volwassenen tot 50 jaar zijn de snelheidsverschillen wat groter dan bij ouderen: e-fietsers tot 50 jaar bewegen zich voort met gemiddeld 15,7 kilometer per uur, terwijl op 'gewone' fietsen door deze groep gemiddeld 12,6 kilometer per uur wordt gehaald (ter vergelijking: bij 65 tot 75 jarigen bedraagt de gemiddelde snelheid respectievelijk 12,7 en 11,5 kilometer per uur).

Gebruikte afkortingen