Ministerie van Infrastructuur en Milieu

Personenvervoer

Autodelen neemt toe maar de effecten op de totale mobiliteit zijn vooralsnog beperkt

Autodelen neemt toe maar de effecten op de totale mobiliteit zijn vooralsnog beperkt

Autodelen neemt toe maar de effecten op de totale mobiliteit zijn vooralsnog beperkt

Toelichting


De ontwikkeling van het aantal aangeboden deelauto’s per autodeelconcept in Nederland. Bron: CROW/KpVV.



  • Door de opkomst van het peer-to-peer-autodelen (een deelauto huren via een particulier, met tussenkomst van een professionele organisatie) is het aantal deelauto’s de laatste jaren in Nederland procentueel fors toegenomen. Met 11.000 auto’s in 2014 is het fenomeen echter nog gering in omvang.
  • In 2014 doet ongeveer 1 procent van de Nederlanders van 18 jaar en ouder aan één of meer vormen van autodelen. Dat komt overeen met ongeveer 90.000 autodelers in Nederland. Het gebruik is niet evenredig over Nederland verdeeld. Het concentreert zich nu vooral onder bewoners van stedelijke gebieden zoals Amsterdam en Utrecht (KiM 2015d).
  • Autodelen is het fenomeen dat consumenten gebruik maken van een betaalde deelautodienst, die wordt aangeboden door hetzij een professionele aanbieder (klassiek autodelen bijvoorbeeld via Greenwheels), hetzij een particulier (peer-to-peer) via tussenkomst van een organisatie (bijvoorbeeld Snappcar).

Gereden autokilometers van autodelers voor en na deelname autodelen en verdeling van ritten die voorheen met een ander vervoermiddel dan de deelauto werden gemaakt. Bron: Nijland et al. (2015).



  • Autodelers reden gemiddeld circa 9.100 autokilometer per jaar voordat ze aan autodelen begonnen. Nadat ze zijn gaan autodelen, rijden ze gemiddeld circa 7.500 kilometer per jaar met de auto, dat is 1.600 kilometer minder dan voorheen. Op jaarbasis is dit is een afname van 0,15 procent van alle gereden autokilometers in Nederland.
  • De afname van het aantal autokilometers komt vooral doordat diegenen die een auto hebben weggedaan, veel minder zijn gaan rijden. Van de afgelegde 7.500 kilometer die zij aflegden, zowel met de eigen auto als met een deelauto, reden ze 1.500 kilometer met een deelauto. Die ritten maakten ze voorheen voornamelijk met de eigen auto (40 procent) of de trein (35 procent) of zouden ze helemaal niet hebben gemaakt (16 procent).
  • Lage gebruikskosten, gemak en service hebben de voorkeur bij de keuze voor het gebruik van de deelauto.

Verdieping en verklaring

Omvang van het deelautogebruik in Nederland

 

  • Het aantal mensen dat gebruik maakt van een of meer vormen van autodelen, is in Nederland nog gering. Slechts 1 procent van de Nederlanders van achttien jaar en ouder maakt er gebruik van (TNS NIPO Monitor autodelen 2014). Dit komt overeen met ongeveer 90.000 autodelers in Nederland en 0,02 procent van het totaal in Nederland gemaakte autoverplaatsingen. Over het algemeen zijn autodelers jonge, hoogopgeleide stedelingen.
  • Hoewel de huidige omvang van het deelautogebruik nog gering is, geeft bijna 20 procent van de Nederlanders aan wel open te staan voor een of andere vorm van autodelen. Het huren van een deelauto via een organisatie overwegen ze het vaakst (13 procent), gevolgd door huren van een auto via een particulier (7 procent) en het verhuren van de eigen auto via een organisatie (4 procent).

Aandeel van autodelers onder Nederlanders van 18 jaar en ouder. Bron: TNS NIPO (2014).



Vormen van autodelen

 

  • Meer dan de helft van deze autodelers huurt via een organisatie, circa 20 procent huurt via peer-to-peer-platforms en ruim een kwart gebruikt beide mogelijkheden. De autodelers gebruiken de auto vooral voor het bezoek aan vrienden en familie en om te winkelen en zware spullen te vervoeren.
  • Greenwheels blijkt het grootste aandeel in de gebruikersmarkt te hebben, zo’n 60 procent. Ondanks het grote aanbod van de peer-to-peer-autodeelmarkt maakt toch maar 15 procent van de autodelers gebruik van Snappcar, het onlineplatform waar particulieren hun auto voor verhuur kunnen aanbieden.

Verdeling autodeelgebruikers over aanbieders. Bron: TNS-NIPO (2014).



Autodelers: jonge, hoog opgeleide stedelingen

 

  • Drie kwart van de autodelers heeft een leeftijd tussen de 30 en 60 jaar. Vooral 30- tot 40-jarigen maken relatief veel gebruik van deelauto’s (figuur P4V3). Maar ook de 18- tot 30-jarigen vormen een belangrijke gebruikersgroep.
  • Autodelen is vooral populair onder jonge alleenstaanden (18 tot 40 jaar) en huishoudens met jonge kinderen. Een andere belangrijke gebruikersgroep zijn de tweepersoonshuishoudens (stellen zonder kinderen) in de leeftijd van 50 tot 65 jaar.
  • Gebruikers van autodeelconcepten zijn vooral te vinden onder de hogere sociaal-economische klasse. Met name gebruikers die huren via een organisatie, zijn vaak mensen met een hoge sociaal-economische status: twee derde van de autodeelgebruikers heeft minimaal een HBO- of WO-opleiding afgerond, en het merendeel heeft een bovenmodaal tot zeer hoog inkomen.
  • Autodelers zijn oververtegenwoordigd in de zeer sterk stedelijke gebieden: ruim 40 procent van de autodelers komt hier vandaan, terwijl slechts 15 procent van de totale bevolking hier woont (18-plus en in bezit van een rijbewijs). Op het platteland (lees: niet-stedelijk gebied) zijn autodelers ondervertegenwoordigd.

Potentiële autodelers: minder jong, minder hoogstedelijk

 

  • De groep potentiële autodelers (zij die voornemens zijn het komende jaar gebruik te maken van autodelen) heeft een profiel dat grofweg het midden houdt tussen dat van de bestaande autodelers en dat van het algemene publiek. Opvallend is dat het wat vaker vrouwen zijn dan mannen die autodelen overwegen (in tegenstelling tot de daadwerkelijke gebruikers). Ook zijn het in meerderheid de bewoners van sterk stedelijke gebieden die autodelen overwegen (in tegenstelling tot de daadwerkelijke gebruikers die vooral woonachtig zijn in de zeer sterk stedelijke gebieden).

Achtergrondkenmerken van autodelers en potentiële autodelers. Bron: TNS-Nipo (2014); bewerking KiM.



Gebruikte afkortingen