Ministerie van Infrastructuur en Milieu

Toekomstbeeld 2015-2020

Wegverkeer en reistijdverlies nemen toe door aantrekkende economie en lagere olieprijs

Wegverkeer en reistijdverlies nemen toe door aantrekkende economie en lagere olieprijs

Wegverkeer en reistijdverlies nemen toe door aantrekkende economie en lagere olieprijs

Toelichting


Ontwikkeling van het wegverkeer (in miljard voertuigkilometers: links) en de congestie (in miljoen voertuigverliesuren: rechts) op het hoofdwegennet in de nabije toekomst. Bron: KiM/RWS.



  • Onder invloed van een aantrekkende economie en een lagere reële brandstofprijs groeit het wegverkeer in 2015 en 2016 naar verwachting met 1,5 tot 2,5 procent per jaar en tussen 2014 en 2020 met in totaal 9 procent. Het verkeer op het hoofdwegennet neemt naar verwachting iets sneller (0,0-0,3 procentpunt per jaar) toe dan het totale wegverkeer.
  • Na een langdurige periode waarin deze afnam, is vanaf het tweede trimester van 2014 de congestie op het hoofdwegennet weer toegenomen (RWS, 2015). In 2015 neemt de congestie verder toe. Op basis van de feitelijke ontwikkeling op het hoofdwegennet tot en met augustus 2015 raamt het KiM die toename voor 2015 op 19 procent. Omdat de congestiecijfers behoorlijk fluctueren, kan de groei in 2015 ook 5 procent hoger of lager uitvallen. Het KiM verwacht in 2016 een verdere toename van de congestie, met 6 procent.
  • Tot 2020 wordt de verwachte groei van het wegverkeer slechts voor een deel opgevangen door een uitbreiding van de wegcapaciteit. Het reistijdverlies kan hierdoor toenemen met in totaal 45 procent in vergelijking met 2014.
  • De vooruitzichten voor de Nederlandse economie van het CPB en het IMF voor 2015 en 2016 zijn optimistischer dan eerder verwacht (CPB, 2015; IMF, 2015). De binnenlandse afzet herstelt zich en de uitvoergroei blijft robuust, ondanks de tegenvallende wereldhandel. Dit zorgt voor een verbetering van de Nederlandse economie. Er zijn echter grote onzekerheden in de wereld, die het lastig maken de ontwikkelingen te ramen.

Verdieping en verklaring

  • Het CPB verwacht in de Macro Economische Verkenning 2016 dat het economisch herstel uit 2014 doorzet in 2015 en 2016, met een economische groei van 2 respectievelijk 2,4 procent (CPB, 2015). Voor de middellange termijn (2017-2020) is uitgegaan van een iets lagere groei van het bruto binnenlands product (bbp), van gemiddeld 1,8 procent per jaar. Daarvoor is gebruik gemaakt van de raming van het IMF voor Nederland in de World Economic Outlook Database 2015 (IMF, 2015). De uitgangspunten voor de omgevingsontwikkeling tot en met 2020 (zie onderstaande tabel) zijn anders dan die waarvan het KiM eerder uitging in de trendprognose wegverkeer voor 2020 (KiM, 2015e). De bbp-groei is op basis van de cijfers van het CPB en het IMF naar boven bijgesteld.


Ontwikkeling van de economie, 2014-2020. Bron: CPB/IEA/IMF.



  • De ruwe olieprijs is in het najaar van 2014 gehalveerd. Dit leidt tot de verwachting dat de reële gemiddelde brandstofprijs in 2015 daalt met 11 procent (zie onderstaande tabel). Tezamen met een aantrekkende economische groei zorgt deze kostendaling naar verwachting voor een toename van het wegverkeer in de nabije toekomst met 1,5 tot 2,5 procent per jaar.

Ontwikkeling van het wegverkeer en de congestie, 2014-2020. Bron: KiM.



  • Ondanks de geplande uitbreiding van de capaciteit op het hoofdwegennet (HWN) (Ministerie van IenM, 2014b) lopen de reistijdverliezen op het HWN in 2015 en 2016 flink op. In 2020 kunnen de reistijdverliezen, in vergelijking met 2014, 45 procent hoger liggen. Deze groei in de periode 2014-2020 ligt fors hoger dan de toename van 29 procent die het KiM eerder dit jaar (maart) verwachtte in de trendprognose voor Rijkswaterstaat tot 2020. Dit verschil komt enerzijds door de hogere veronderstelde economische groei (zie boven) en anderzijds doordat de feitelijke ontwikkeling van het reistijdverlies in de eerste acht maanden van 2015 de eerder geraamde ontwikkeling ruimschoots overtreft.
  • De belangrijkste verklarende factor achter deze toename is de groei van het bbp met 12 procent tussen 2014 en 2020 (zie Achtergrond ‘Model voor wegverkeer en congestie’). De reële gemiddelde brandstofprijs ligt in 2020 nog 6 procent onder het niveau van 2014 en leidt daarmee tot een kleine toename van het reistijdverlies. De extra wegcapaciteit met 4 procent beperkt de toename van de congestie tot 2020.
  • In 2015 is tot en met augustus het aantal voertuigverliesuren op het hoofdwegennet toegenomen met 13 procent. In vergelijking met augustus 2014 ligt het voortschrijdend jaartotaal in augustus 2015 19 procent hoger. De index van de voertuigverliesuren (basisjaar 2000) bereikte een top van 156 (eind 2008/begin 2009) en een laagste waarde van 94 (mei 2014). Eind augustus 2015 was deze index opgelopen tot 119 ten opzichte van 2000.

Ontwikkeling voortschrijdend jaartotaal voertuigverliesuren op het HWN, 2000-2015 (index 2000=100). Bron: RWS



Gebruikte afkortingen